Kiekje
 
 
 
afbeelding afbeelding
«  Aflevering 201: Over nieuwerwetse hormoonmeerlingen en impopulaire rampen  »
 
Manon is op kraamvisite bij Helen en Geert om hun dochtertje Zarabe te bekijken. Op de kraamafdeling waar Helen lag zijn nogal wat tweelingen geboren en ze praten over het nut van hormoonbehandelingen. Verder praten ze over de aardbeving in Kashmir.

“Dit hoop ik nooit meer mee te maken.” Helen strijkt een blonde sliert haar uit haar gezicht. “Het was verschrikkelijk.”
“Het is voorbij.” Manon legt troostend een hand op haar arm. “Je kunt nu weer vooruit kijken.”
“Het duurde maar en het duurde maar...” Helen’s ogen kijken peinzend voor zich uit. Dan richt ze zich weer op Manon. “Het deed zo’n pijn, Manon, dat kun je je niet voorstellen.”
Manon zwijgt.
“Ik dacht op een gegeven moment dat ze zich toch vergist hadden en dat er een tweeling kwam. Niks vreemds want op de kraamafdeling in Leyenburg lagen vier vrouwen die een tweeling hadden gekregen. Naast me lag een Turkse die zelfs een drieling had gebaard.”
“Dat is wel bijzonder.”
“Nee, hoor. Tegenwoordig is dat heel gewoon met al die hormoonbehandelingen. Ik geloof dat er zo’n 70 per jaar worden geboren. En een tweeling is al helemaal niks bijzonders meer, daar worden er bijna vierduizend van per jaar geboren.” Helen neemt een hap van haar beschuit, er vallen wat roze muisjes op haar donkerblauwe pyama. “En minstens de helft daarvan komt van onvruchtbaarheidsbehandelingen.”
“Wel leuk.” Manon pikt een muisje van Helen’s pyamabroek. “Ik heb altijd graag de helft van een tweeling willen zijn.”
“Het klinkt allemaal wel leuk,” gaat Helen verder, “maar meerlingen worden veel vaker te vroeg geboren en hebben een grotere kans op aangeboren afwijkingen. Bovendien is de zwangerschap voor moeders ook veel zwaarder. Eigenlijk zouden artsen bij een IUI-behandeling niet moeten insemineren als er meer dan twee eicellen zijn gerijpt.”
“IVF-behandelingen bedoel je.”
“Nee, IUI.” Helen schudt haar hoofd. “Intra Uteriene Inseminatie. Dat heb ik ook de afgelopen week geleerd, hoor.”
“Wat is dat dan?”
“Dat is een techniek waarbij je hormonen krijgt om het aantal eicellen te laten toenemen, hyperstimulatie van de eierstokken. Ja, je wilt niet weten wat je allemaal te horen krijgt op zo’n afdeling. In de tussentijd wordt uit het sperma van de man de meest beweeglijke zaadcellen geselecteerd die in de baarmoederholte worden ingebracht.”
“Dat is toch bij IVF ook zo?”
“Daar gebeurt alles in de reageerbuis.” Legt Helen uit. “En dat mag alleen in gespecialiseerde centra. Bovendien is daar een lange wachttijd voor. IUI mag door iedere gynaecoloog in elk ziekenhuis worden uitgevoerd en is daarom ook zo populair.”
“En doordat er meer eicellen rijpen door die hormonen, neemt de kans op meerlingen toe.” Begrijpt Manon. “Twee voor de prijs van een klinkt wel aantrekkelijk.”
“Maar meer risico’s voor de kinderen.” Helen neemt een slokje thee. “Ik vind het niet zo erg dat ze IVF uit het basispakket hebben gehaald, hoor, dat je in ieder geval de eerste keer zelf moet betalen.”
“Wat dat betreft wel, maar er is nu wel sprake van sociale discriminatie.” Werpt Manon tegen. “Mensen met weinig geld kunnen het niet zelf betalen.”
“Die moeten dan maar wat meer geduld hebben.” Helen haalt haar schouders op. “Stelletjes die jonger zijn dan 36 moeten nu drie jaar wachten voor ze in aanmerking komen voor IVF. Weet je waarom? Omdat ze meestal binnen die tijd wel op een normale manier zwanger worden. Volgens een van de vrouwen die mij op zaal lag, zelf moeder van een tweeling via IVF, heeft 10 procent van de paren medische hulp nodig omdat ze niet gewoon zwanger worden. Volgens mij zou dat aantal minstens gehalveerd kunnen worden als de mensen wat meer geduld zouden hebben.”
“We leven nou eenmaal in een planningsmaatschappij.” Zegt Manon. “En als het kind op een bepaald tijdstip gewenst is dan moet het ook komen. We zijn ook zo geëmancipeerd dat we het niet pikken als dat niet gebeurt.”
“Ik ben blij dat het bij mij gewoon gebeurd is.”
“Dat wàt bij jou gewoon gebeurd is?” Geert komt binnen. Hij draagt een vormeloos hoopje in een wit dekentje in zijn armen.
“Zwanger worden zonder hormoonstress.” Helen strekt haar armen uit naar het dekentje en Geert legt het pakketje voorzichtig op haar schoot.
“Hoe vind je haar, Manon?” Vraagt Geert.
“Ik heb haar nog niet goed kunnen zien.” Bekent Manon.
“Als je voorzichtig bent mag je haar wel even vast houden.” Helen geeft de baby door aan Manon.
“Lief.” Manon bestudeert het kleine, brede gezichtje. De wimpertjes liggen als kleine waaiertjes op de gave, bleekroze wangetjes. De neusgaten van het kleine neusje staan wijd open als twee oogjes middenin het gezicht. Het kleine rode mondje blaast een paar belletjes. “Dag, kleine Harabe.”
“Zarabe.” Verbetert Helen.
“Zarabe.” Herhaalt Manon. “Hoe komen jullie in hemelsnaam aan die naam?”
“Een opwelling. Op de dag dat onze kleine prinses werd geboren, werd er in Kashmir nog een meisje levend uit het puin gered. Vier dagen na de aardbeving. Dat was toch een klein wonder. En aangezien we het over een meisjesnaam toch nog niet echt eens waren hebben we onze dochter naar haar genoemd. Zarabe, ons wonder.”
“Het was nog een heel gedoe.” Zegt Geert. “Want in het ziekenhuis wilden ze een naam hebben. Helen had dat meisje ’s avonds op het journaal gezien, maar daar werd haar naam niet genoemd. En de verpleegsters wilden een naam hebben. Ik heb pas de ochtend daarna kunnen achterhalen hoe ze heette.”
“Tot die tijd heette ze Helena.” Helen glimlacht. “Dat is nu haar tweede naam.” Ze kijkt peinzend naar haar dochtertje dat vredig op Manon’s schoot ligt. “Dat die vijfjarige kleuter uit het puin werd gehaald was zo’n positieve gebeurtenis dat ik helemaal vol schoot. Nou was ik natuurlijk erg emotioneel. Zij,” ze knikt met een beschuldigend gebaar naar Zarabe, “was al tweeënhalve week over tijd, ik had dagenlang alleen maar de narigheid gezien van al die arme mensen daar in Kashmir en op het moment dat ik dat meisje zag lag ik net bij te komen van een vreselijk wee.”
“Bijna veertigduizend doden.” Geert schudt zijn hoofd. “En vijfenzestigduizend gewonden. Het is een humanitaire ramp, temeer omdat het daar nu al winter gaat worden en twee miljoen mensen geen dak boven hun hoofd hebben. Volgens mij realiseren de meeste mensen zich niet hoe erg het is. Er zijn dan wel minder doden gevallen maar de verwoestingen zijn veel erger dan na de tsunami. Ze hebben echt dringend geld nodig, maar ik ben bang dat er niet veel in zal zitten. De aandacht voor Kashmir is nu al aan het verslappen. Het is vanavond niet eens meer op het journaal geweest.”
“Het heeft het niet.” Zegt Helen. “Wrong time, wrong place. Die tsunami was perfect getimed met kerstmis. Bovendien was dat toch iets nieuws. Aardbevingen komen zo vaak voor, maar zo’n vloedgolf... En dan nog wel een op een toeristische plek, een plek waar we zelf ook hadden kunnen zitten...”
“Waar een van ons ook zat.” Zegt Manon.
“Maar Kashmir... dat is echt de ver van mijn bed-show. Bovendien is Pakistan in de ogen van veel mensen een fout land, een land waar terroristen worden opgeleid in trainingskampen van Al-Qaeda, een land met enge moslims.”
“Ik dacht dat Kashmir Indiaas was.” Manon steekt haar wijsvinger in het kleine handje van Zarabe. “Salman Rushdie komt er toch vandaan?”
“Het is een betwist gebied.” Legt Geert uit. “India en Pakistan bakkeleien er al jaren over. Ik ben er een aantal jaar geleden geweest, maar het was niet leuk. De vallei is prachtig, dat wel, maar er hangt een voortdurende oorlogsdreiging en dat voel je overal. De mensen zijn er ook heel argwanend.”
“Maar het is toch bij India gevoegd toen de Britten er na de Tweede Wereldoorlog weg gingen?”
“Dat zeggen de Indiërs. Maar ik ben bang dat het iets gecompliceerder ligt. Kahsmir was in de tijd van de Engelse overheersing een autonoom vorstendom, al hadden de Britten wel indirect zeggenschap. Er waren meer van dit soort gebieden en na het vertrek van de Britten werd het gebied opgesplitst in India en Pakistan en mochten deze staatjes zelf kiezen waar ze bij wilden horen. In de meeste gevallen was dat geen probleem want in de staatjes woonden óf voornamelijk moslims, en dan voegden ze zich bij Pakistan, óf hindoes die zich bij India aansloten. Kashmir had een probleem want de toenmalige maharadja was hindoe terwijl de bevolking in meerderheid uit moslims bestond. De maharadja neigde natuurlijk naar India, maar probeerde zo lang mogelijk onafhankelijk te blijven, volgens zeggen om een zo goed mogelijk bod van de Indiase regering te krijgen. Misschien twijfelde hij ook wel omdat hij bang was voor een burgeroorlog met zijn islamitische onderdanen. En dat waren er nogal wat, ik meen dat 95 procent van de bevolking moslim was. In ieder geval maakte Pakistan van zijn weifelachtige houding gebruik om Kashmir binnen te vallen. Toen kon de maharadja natuurlijk ineens wel kiezen. Hij vroeg het Indiase leger om hulp en tekende tegelijk een verdrag dat Kashmir onder India zou komen te vallen. Sinds die tijd is het eigenlijk hommeles en wordt de streek geplaagd door oorlogen. De VN zorgde er in 1949 voor dat Kashmir werd opgedeeld: Het noordelijke deel valt nu onder Pakistan en het zuidelijke behoort aan India en daar zijn ook voortdurend de gevechten.”
“En dan nu dit weer.” Zucht Manon. “Misschien vloeit er nog wel wat goeds uit die aardbeving en brengt het de twee landen wel tot elkaar.”
“Ik zou er maar niet op rekenen.” Zegt Geert. “Kashmir is voor India een prestigekwestie geworden. Die kunnen het zich niet meer veroorloven het af te staan aan Pakistan. En Kashmir is voor Pakistan een heilig doel.”
“Nu is het wel mooi geweest.” Helen kijkt Geert scherp aan. “Dit zijn veel te zware onderwerpen voor een vrouw in haar kraamtijd. Als jullie hierover willen doorbomen gaan jullie maar boven zitten.”

Gepubliceerd: 15-10-07. Vond plaats op: 15-10-05. Tags:  aardbeving ; Azië ; geschiedenis Azië ; gynaecologie en zwangerschap ; India ; natuurgeweld ; oorlog ; Pakistan ; politiek buitenland ;