Kiekje
 
 
 
afbeelding afbeelding
«  Aflevering 149: Over broeiende burenruzies en discutabele martelpraktijken  »
 
Al wandelend door het bos bespreekt Manon met Aleona de voortdurende demonstratie in Kiev en de op handen zijnde toetreding van Turkije tot de EU. Aleona is daar als jurist bij het Europees Gerechtshof ook bij betrokken. Ze moet adviseren over het Turkse strafrecht. Ze praten over marteling en mensenrechten en Aleona meldt dat Turkije al een heel eind op de goede weg zit.

“Stond je in jezelf te praten?” Manon schrikt op van een rauwe stem en draait zich om. Achter haar staat de vrouw die ze vorige keer heeft ontmoet, maar dit keer zonder moeder in rolstoel.
Zraan, zraan, witte zraan, zie mij aan den oever staan.” Manon wijst naar de twee zwanen die als witte plukjes schuim in de donkergrijze, woelige vijver drijven. “Er is geen weg, er is geen bruggetje, neem mij op je witte ruggetje. Een versje van een sprookjesplaat van Hans en Grietje. Toen ik het versje leerde kon ik nog geen zwaan zeggen.”
“En dan blijft een zwaan een zraan.” Begrijpt Aleona.
“En ik blijf vragen of hij mij naar de overkant wil brengen.” Lacht Manon. “Waar is je moeder? Toch terug naar huis?”
“Nee, helaas niet. Maar het is nu echt te koud voor haar en aangezien haar aanwezigheid me soms aanvliegt ontsnap ik af en toe even. Ik ben dol op dit gure, herfstige weer.”
“Het is prachtig.” Manon kijkt om zich heen. De herfst regent bruingele bladeren. De bomen staan vrijwel geheel naakt onder de donkergrijze, klamme hemel die zich boven hen uitstrekt. Hun wortels zijn verankerd in een donkerbruin bladertapijt, waaruit een vaag rottende, modderige lucht opstijgt. “Ik begin net aan mijn rondje.” Ze maakt een vaag gebaar met haar hand. “Loop je mee?”
“Misschien kan mijn moeder wel nooit meer terug.” Zegt Aleona bezorgd, terwijl ze naast Manon mee loopt. “De situatie in mijn land wordt steeds explosiever.”
“Dat zou je toch niet zeggen als je als die vrolijke mensen daar in de sneeuw in Kiev ziet met bloemen, koffie, broodjes en muziek. Het lijkt de Bagwan wel. Die mensen zitten verdorie al tien dagen buiten in de kou. Ik neem echt mijn petje voor ze af.”
“De macht van het volk.” Zegt Aleona trots. “Het moet een schok voor de Russen zijn dat ze nu te maken hebben met een volk dat zelfstandig nadenkt en een democratische toekomst nastreeft. Dat zijn ze niet gewend en ze kunnen niets beginnen met al hun ervaring op het gebied van infiltratie en manipulatie.”
“Denk je nog steeds dat er een burgeroorlog komt?” Manon kijkt naar Bobbe die geen last heeft van de gure wind. Soms verdwijnt ze compleet in de bladermassa.
“Ik weet het niet.” Aleona denkt even na. “De stemming wordt steeds grimmiger en het zou best wel eens op een breuk tussen Oost en West kunnen uitlopen. Gelukkig zijn de Oost-Oekraïeners, dat zijn voornamelijk aanhangers van Janoekovytsj, niet zo goed georganiseerd en het zou me verbazen als ze echt in opstand komen, maar niets is onmogelijk.”
“Ik heb gehoord dat de EU een batterij bemiddelaars heeft gestuurd om de zaak niet uit de hand te laten lopen.”
“Ja. nu zijn ze ineens wel in Oekraïne geïnteresseerd.” Zegt Aleona bitter. “Europa heeft haar altijd links laten liggen, maar sinds kort zijn we buren geworden en chaos en ruzie bij de buren is nooit fijn. Zeker niet als het om bijna vijftig miljoen inwoners gaat. Daar heb je last van.”
“Wat dat betreft ligt Oekraïne geografisch niet zo prettig.” Bedenkt Manon. “Zo tussen Rusland en Europa ingeklemd. ”
“En door het land zelf loopt ook een scheidslijn.” Vertelt Aleona. “Het industriële Oosten en Zuiden is voornamelijk Russisch georiënteerd. Het agrarische Midden en Westen heeft de blik op Europa gericht. Daarom zijn ze de Russen ook zo fel gekant tegen Joesjtsjenko, die een fervent Europa-aanhanger is. Met hem zien ze Europa steeds dichterbij komen, want als hij wint heb je een grote kans dat Rusland en Europa straks buren worden.”
“Maar dat is alleen maar mogelijk als de verkiezingen ongeldig worden verklaard.”
“En zover is het nog niet.” Beaamt Aleona. “Voorlopig zijn er heel zorgelijke signalen dat Oekraïne zich daadwerkelijk wil gaan opsplitsen en dat zou rampzalig zijn. Odessa heeft aangekondigd zich van Oekraïne af te scheiden als Joesjtsjenko tot president wordt uitgeroepen en men fluistert dat de Oostelijk regio’s Rusland al hebben benaderd hebben over mogelijke aansluiting.”
“Die willen dat natuurlijk wel.” Manon kijkt naar de grillige lijnen in het water, een weespiegeling van de donkere boomstammen.
“Voorlopig hebben de Russen gezegd dat ze nieuwe verkiezingen niet afwijzen.”
“Oh? Dat is bemoedigend!” Zegt Manon verbaasd. “Denk je trouwens dat Oekraïne ooit lid zouden kunnen worden van de EU?”
“Ik zou niet weten waarom niet. Als een land als Roemenië lid kan worden.” Aleona snuift misprijzend.
“Daar is ook gefraudeerd bij de verkiezingen zondag, hè?”
“Dom en gevaarlijk nu ze hun voet tussen de deur in Europa hebben. Ze zijn zo dichtbij. Ik begrijp echt niet waarom iedereen zo moeilijk doet over de toetreding van Turkije. Je hoort helemaal niemand over Roemenië dat toch bekend staat als het meest corrupte land van Midden-Europa.”
“Misschien omdat het onbekender is?” Manon haalt vaag haar schouders op. “Het wemelt hier van de Turken, maar wie kent er nou een Roemeen?””
“Zou dat het zijn?” Aleona kijkt haar nieuwsgierig aan en zucht vervolgens. “Ik heb stapels Turkije-rapporten liggen die ik nog moet doornemen voor eind van de maand en mijn moeder vraagt best veel aandacht.”
“Heb jij daar ook mee te maken?”
“Jazeker, ik moet adviseren over het Turkse strafrecht.”
“Ingewikkeld.”
“Maar wel interessant want het is niet zomaar een land wat eventueel lid mag worden van Europa.” Zegt Aleona gepassioneerd. “Het is een heel gecompliceerd proces, maar dat vind ik alleen maar leuk.
“Leuk?” Manon kijkt haar verbaasd aan. “Ik heb al zoveel moeizame, hoofdpijn verwekkende gesprekken over Turkije gehad.”
“Over het feit dat het een islamitisch land is zeker?”
“Dat was het voornaamste punt, ja.”
“Wat de mensen niet begrijpen is dat Turkije de enige moderne islamitische staat ter wereld is.” Zegt Aleona bedachtzaam. “Dat moeten we als Europa toch alleen maar willen steunen. Het kan een belangrijke voorbeeldfunctie krijgen als een financieel en economisch stabiel islamitisch land waar democratie en islam elkaar helemaal niet hoeven uit te sluiten.”
“Terwijl iedereen juist het gevoel heeft dat in Turkije de godsdienst nog zo’n belangrijke rol speelt in de politiek.”
“Ha! Waar niet?” Aleona lacht schamper. “Wij hebben Donner met zijn godsdienstwetje. Amerika heeft Bush met zijn anti-homo- en abortusbeleid. Zolang er politieke partijen zijn die hun programma gegrondvest hebben op godsdienstige waarden, ontkom je daar niet aan. Ook niet in Europese landen. Misschien zweeft de geest van de islam in Turkije nog veel meer boven de maatschappij dan het christelijke geloof in Nederland, maar dat is meer als richtlijn voor de burgers. Het is niet geformaliseerd in een islamitische wet, zoals bij de andere islamitische landen. Er wordt in principe geen radicale islam gepredikt vanuit de overheid. Moet je je eens voorstellen wat het betekent om zo’n groot en strategisch land als Turkije bij Europa te hebben als het straks welvarend en stabiel is. Dat is toch een enorme winst?”
“Maar dat kan nog wel even duren.”
“Nou en?
“En de mensenrechten dan?” Wil Manon weten. “Dat gaat volgens mij in Turkije ook maar met mondjesmaat. Maar daar weet jij vast alles van.”
“Ze voldoen nog niet aan de eisen van de EU,” geeft Aleona toe, “maar ze hebben al wel heel veel aanpassingen in de wet- en regelgeving doorgevoerd op dat gebied. De doodstraf is afgeschaft, ze beschermen de minderheden en ze waarborgen een onafhankelijke rechtspraak.”
Ze glimlacht. “Voor zover dat mogelijk is, natuurlijk. Maar het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens wordt in ieder geval echt serieus genomen.”
“Theoretisch zeker.” Zegt Manon cynisch.
“Nee, het wordt algemeen toegepast.”
“Alleen een beetje martelen dan zeker.”
“Dat zijn dus zaken waar Europa heel erg streng op moeten gaan letten.” Aleona fronst haar wenkbrauwen. “Dat is nooit goed te praten.”
“Zelf niet als je daarmee een leven zou kunnen redden?”
"Nee!" Aleona citeert: "er mogen geen buitengewone omstandigheden van welke aard dan ook worden ingeroepen ter rechtvaardiging van marteling. Stel dat ze de verkeerde martelen?”
“Tja.”
“Je begeeft je wel op hellend vlak als je dit gaat toestaan, Manon. Je kunt niet zeggen: Ik martel in principe niet, behalve als het me goed uit komt. Voor je het weet zijn de gaskamers in Dachau weer open.”
“Nou, nou.” Manon fronst haar wenkbrauwen.
“Ik meen het.” Aleona’s stem klinkt dwingend en serieus. “Er zijn nooit buitengewone omstandigheden die marteling rechtvaardigen. Neem nou de Verenigde Staten. Het VN-verdrag, dat ze mede hebben ondertekend, komt hen nu even niet goed uit. Daarom hebben ze hun gevangeniskampen in Guantanamo Bay op Cuba gestationeerd, helemaal afgesloten van de buitenwereld. FBI-agenten hebben nu toegegeven dat de gevangenen daar zowel psychisch als lichamelijk mishandeld zijn. Zeshonderd Afghanistanen worden daar al twee jaar zonder vorm van proces vastgehouden. Nee, kom bij niet aan dat martelen op een of andere wijze te rechtvaardigen is.” Haar donkere ogen gloeien fel in haar bleke gezicht. En bovendien weet je toch ook niet of de informatie die je los gemarteld hebt betrouwbaar is. Als je maar lang genoeg martelt bekennen ze allemaal.”
Manon, geschrokken door de felle gloed in Aleona’s ogen, houdt bedremmeld haar mond. Haar blik valt op een groep Japanners die druk kwetterend aan de rand van de vijver staan om het paleis van de koningin te fotograferen en ze ziet een escape. “Het gaat ineens heel slecht met de vader van Beatrix, hè.”

Gepubliceerd: 02-12-06. Vond plaats op: 02-12-04. Tags:  Europa ; koninklijk huis ; mensenrechten ; Oekraïene ; Roemenië ; Turkije ; Verenigde Staten ; verkiezingen ;